Na zes weken on the road zijn we terug thuis. En dat doet deuuuuugd! Terug wat comfort (bed! frigo!) en we kunnen de vaat weer eens een dagje laten staan als we lui zijn. Aaaah de luxe 🙂

De terugrit was best vreemd. Om te beginnen reden we een ganse nacht door vanaf de ferry in Denemarken tot thuis. Aangezien mijn hersenen niet functioneren bij slaaptekort, leek alles ver weg en irreëel. Daarnaast ziet ons landje er helemaal anders uit dan bij vertrek. Hoewel de waterschaarste al zichtbaar was in Noorwegen, werd het landschap alsmaar geler naarmate we België naderden. Het is echt bevreemdend om bekende landschappen zo anders, zo doods te zien.

Bij thuiskomst hadden we gehoopt onopvallend naar binnen te glippen om neer te ploffen op bed, maar we kregen een hartelijk ontvangst van de buren. Om 8u ’s morgens. Toen er weinig reactie kwam van onze kant, lieten ze ons dan toch in bed kruipen. Maar ik klaag niet hoor, want ze hebben goed op ons huisje gelet. Eén buur belde ons toen er onaangekondigd werkmannen aan de gevel begonnen werken hoewel we niet thuis waren. Een andere buur stuurde foto’s wanneer onze oprit als parking gebruikt werd. Weer andere buren verzamelden onze post en hielden een paar bokalen koel zodat we de frigo niet moesten laten draaien. Een laatste buur gaf de tuin water en verzorgde onze palm die te groot was om te transporteren. De schoonmoeder verzorgde de andere kamerplanten. De ouders kwamen enkele malen langs om te zien of alles in orde was. De kat werd denderend gesoigneerd op hotel. En we vroegen vakantietoezicht aan bij de politie, die dagelijks kwamen kijken.
Ik vind het best onwennig om zo’n zorgzame mensen rond mij te hebben, zeker als het op buren aankomt. De sociale controle is hier groot, en soms heb ik er genoeg van als ik weer eens aangezwaaid wordt terwijl ik de zetel hang. Maar al bij al doet het deugd om te weten dat we voor elkaar uitkijken en op elkaar kunnen rekenen.

De tuin dan. Eén woord: ontploft. Een jungle van allerlei planten door elkaar, gevuld met kleur, geur en vliegebeestjes. Geweldig, echt waar. Hier en daar wat ongewenst kruid (brrrr gras) maar al bij al valt dat goed mee. De avond voor ons vertrek waren we dan ook tot 22u bezig geweest om de tuin op orde te zetten. We hadden met de buur afgesproken dat hij de hagen en potplanten zou water geven, maar door de hitte gaf hij spontaan de ganse tuin water. Anders had er inderdaad weinig overgeschoten denk ik. Het resultaat is dat we nu zonnebloemen, goudsbloemen, kaasjeskruid, teunisbloemen, rode zonnehoeden, salvia hot lips, lupines en klaprozen hebben. Daarnaast konden we al twee tomaten oogsten en een handvol kerstomaatjes… hemels! De warmoes, radijzen, slasoorten en tuinmeldes zijn doorgeschoten en staan in bloei/zaad, maar dat is de bedoeling zodat we volgend jaar kunnen oogsten zonder zaai- en plantwerk; enkel wieden waar we geen plantjes willen. Echt geweldig om te zien hoeveel vliegebeesten (zweefvliegjes misschien, ik ken echt niets van insecten) er rond de warmoes hangen, alleen al daarvoor zou je je groenten laten doorschieten 🙂 Voor vertrek hebben we een paar aardbeitjes kunnen proeven en zagen we een bijna-rijpe-taybes hangen, maar helaas hebben we de rest van het bessenseizoen in de tuin gemist. De plantjes zijn natuurlijk nog klein, veel hing er niet aan, maar hopelijk heeft de natuur er wat aan gehad.

Over de reis zelf schrijf ik later nog, maar nu eerst genieten van thuis zijn. En hopen… echt keihard hopen op regen en koeler weer!

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.


(foto)

Advertenties